Duurzaamheid: hoe maak je er werk van in je lespraktijk?

Veel van de huidige maatschappelijke uitdagingen als de klimaatverandering en de groeiende sociale ongelijkheid zijn wicked issues.  Dat betekent dat over die issues niet alleen een wetenschappelijke discussie bestaat (Welke feitelijke kennis bestaat er over dat thema? Wat is nu precies het probleem?), maar ook een maatschappelijke discussie. In dat laatste geval spelen vragen als: In welke wereld willen we leven? In welke systemen willen we functioneren? Beide discussies zijn niet waardevrij. Vooroordelen spelen, vaak onbewust, een belangrijke rol zowel bij de framing van het probleem, als bij de keuze voor de meest wenselijke oplossing.

Duurzaamheidskwesties integreren in je opleidingsonderdeel is daarom uitdagend. Je moet studenten leren omgaan met onzekere kennis en opinies, hen vertrouwd maken met de complexiteit van duurzaamheidskwesties én hen laten kennismaken met meerdere veranderingsperspectieven.  

Deze onderwijstip leert je hoe je duurzaamheid als thema kan binnenbrengen in je opleidingsonderdeel, hoe je duurzaamheidscompetenties uitschrijft, hoe studenten die verwerven met geschikte onderwijs- en leeractiviteiten en hoe je ze op een gedegen manier toetst.

Waarom is duurzaamheid relevant in je vak(ken)?

Klimaatverandering, globalisering, toenemende sociale ongelijkheid, biodiversiteitsverlies, economische en gezondheidscrisissen…: de huidige maatschappelijke problemen zijn complex. De oorzaak ervan hangt samen met ecologisch onhoudbare en sociaal onrechtvaardige structuren, culturen en praktijken. Internationaal worden oplossingen steeds vaker gezocht in een duurzamere wereld.

Daarin krijgen onderwijs in het algemeen en hoger onderwijs in het bijzondere een rol toebedeeld. “Sustainable development begins with education”, zo stelt de UNESCO. Ook de UGent engageert zich met een ambitieuze duurzaamheidsvisie en wil duurzaamheid integreren in haar onderwijs, onderzoek, maatschappelijke dienstverlening en bedrijfsvoering. Bovendien is duurzaamheid een van de zes Universiteitsbrede Beleidskeuzes (UBK’s) van de UGent.

Als lesgever kan je hier een belangrijke rol spelen. Je hebt de vrijheid om al dan niet expliciet duurzaamheidskwesties te integreren in je lesinhoud, om duurzaamheidscompetenties te vermelden bij de eindcompetenties van je opleidingsonderdeel, om specifieke werkvormen (groepswerk, discoursanalyse, toekomstdenken…) of werkwijzen (inter- en transdisciplinair werken) aan te wenden. Samen met andere lesgevers en/of de opleidingscommissie kan je streven naar een sterke integratie van duurzaamheid in de opleiding, bijvoorbeeld via een leerlijn.

Wat verstaat de UGent onder duurzaamheid?

Duurzaamheid kent vele invullingen. In essentie gaat duurzaamheid over de verhouding tussen ecologische grenzen, sociale rechtvaardigheid en (duurzame) economie. Het is dus een richtinggevend concept waarmee je maatschappelijke keuzes kan aftoetsen aan de (combinatie van) sociale en ecologische consequenties.

Je hebt zonder twijfel al gehoord van een of meerdere theoretische modellen die duurzaamheid omschrijven. We zetten hieronder de bekendste op een rijtje.

  • Het Triple P-model gaat uit van het evenwicht tussen drie dimensies van duurzame ontwikkeling: people, planet en profit. In de praktijk haalt de economische pijler in dat model echter vaak de bovenhand: economie wordt met andere woorden een doel op zich. We spreken daarom van een ‘zwakke’ invulling van duurzaamheid.
  • Het genest model definieert een duurzame samenleving als een samenleving die het economische systeem (prosperity) inzet voor een rechtvaardige maatschappij (people) en die begrensd wordt door de ecologische draagkracht van de aarde (planet). Vanwege de positie die de economie krijgt, spreken we van een ‘sterke’ invulling van duurzaamheid. 
  • Het Donut-model visualiseert het planetaire plafond (planet) en de sociale basis (people) in de vorm van een donut (reddingsboei) waarin de mens een veilige én rechtvaardige samenleving vormgeeft waarin hij kan gedijen. Dat is de beschikbare ruimte voor economische ontwikkeling of “the safe and just space for humanity”. Dit model sluit net als het genest model aan bij een ‘sterke’ invulling van duurzaamheid.
  • De 17 SDG’s (Sustainable Development Goals of Duurzame Ontwikkelingsdoelen) van de Verenigde Naties zijn wereldwijde doelstellingen. De SDG’s bevatten heel wat interessante inhoudelijke aanknopingspunten om het thema duurzaamheid in je lessen te verwerken. Let wel op: de SDG’s dragen ook een aantal valkuilen in zich. Ten eerste zijn ze zodanig ruim geformuleerd dat het moeilijk is een maatschappelijke doelstelling te vinden die er níet onder valt. Ten tweede bestaat het risico dat ‘duurzame verandering’ gereduceerd wordt tot het afvinken van een kleurig SDG-vakje. Het is daarom belangrijk om de SDG’s steeds in hun onderlinge samenhang te bekijken: een vooruitgang voor de ene SDG mag immers niet ten koste gaan van een andere. Afhankelijk van hoe je de SDG’s inzet, sluiten ze meer aan bij een ‘zwakke’, dan wel een ‘sterke’ invulling van duurzaamheid.

De UGent kiest resoluut voor de sterke invulling van duurzaamheid.

Hoe vertaal je duurzaamheid in eindcompetenties?

Wil je de duurzaamheidscompetenties van studenten versterken en ze formuleren als eindcompetenties van je vak? Hou er dan steeds rekening mee dat het verfijningen van opleidingscompetenties zijn. Uitgebreide voorbeelden vind je eveneens in dit geïllustreerde UGent-competentiemodel

Door te werken aan competenties die belangrijk zijn voor duurzaamheid, werk je aan generieke competenties die studenten voorbereiden op een betekenisvolle, geëngageerde rol in een complexe samenleving. Logisch dus dat we dergelijke competenties ook terugvinden bij de 21st century skills (bijvoorbeeld kritisch denken, creativiteit, probleemoplossend vermogen, samenwerken, communiceren, interculturele vaardigheden). Heel wat vaardigheden en attitudes spelen eveneens een belangrijke rol bij andere onderwijsthema’s.

In de voorbije jaren is heel wat onderzoek verricht naar welke competenties nu precies van belang zijn in de context van duurzaamheidseducatie in het hoger onderwijs. Dat heeft geleid tot het omschrijven van een aantal specifieke competenties, zoals systeemdenken of de normatieve competentie. Bij het onderdeel ‘Hoe werk je aan duurzaamheid in je vak(ken)?’ lees je daar meer over.

Enkele UGent-voorbeelden die die duurzaamheidscompetenties concretiseren:

  • milieuproblemen en duurzaamheidsvraagstukken analyseren en een zelfstandige visie hebben op onderwerpen en vraagstukken van het internationaal en Europees milieurecht. (eindcompetentie in de masteropleiding Rechten, opleidingsonderdeel Internationaal en Europees milieurecht (B001699))
  • studenten gebruiken het begrip ‘duurzame ontwikkeling’ op een duidelijke manier en slagen erin om het te vertalen naar de concrete praktijk van diverse stakeholders. (eindcompetentie in de bacheloropleiding Bio-ingenieur, opleidingsonderdeel Duurzame ontwikkeling in productie- en consumptiesystemen (I002434))
  • de verschillende theorieën, concepten en benaderingen kritisch beoordelen die zijn voorgesteld binnen de menswetenschappen om (de culturele respons op) de klimaatverandering te proberen begrijpen. (eindcompetentie in masteropleiding taal- en letterkunde, opleidingsonderdeel Moderne Engelstalige letterkunde III (A005259))

Dit is slechts een kleine greep uit de vele opleidingsonderdelen die duurzaamheid op de een of andere manier integreren, maar er zijn meer UGent-praktijkvoorbeelden.

Hoe werk je aan duurzaamheid in je vak(ken)?

Oriënteer je (bestaande) leerinhoud op duurzaamheid

Voor heel wat opleidingen zijn inhoudelijke aanknopingspunten met duurzaamheidsthema’s niet zo ver te zoeken. 

De eenvoudigste manier om duurzame kennis te integreren in je opleiding is door de bestaande leerinhoud (meer) te oriënteren op duurzaamheid of nieuwe duurzame inhouden toe te voegen.

  • Plaats een voorbeeld of case expliciet in een duurzaamheidsperspectief door ook ecologische en sociale consequenties van een voorgestelde oplossing te belichten.
    • Voorbeeld: een docent(e) Economie laat bedrijven zien met een duurzaam businessmodel; studenten moeten vervolgens in groep voor een bestaande niet-duurzame bedrijfscase een duurzaam alternatief uitwerken. 
  • Besteed aandacht aan de complexiteit van een duurzaamheidsuitdaging door je denkproces te expliciteren. Stel belangrijke vragen luidop: welke stakeholders zijn betrokken in een duurzaamheidsuitdaging, welke elementen spelen daarin een rol, welke stappen kan je zetten naar mogelijke oplossingen?
    • Voorbeeld: een docent(e) uit de opleiding Geneeskunde biedt inzicht in de verschillende problemen op vlak van gezondheid en welzijn en de toenemende ongelijkheid bij ziekte en dood, al naargelang van de doelgroep waartoe een patiënt behoort.
  • Geef een aantal lessen over duurzaamheid in een opleidingsonderdeel. 
    • Voorbeeld: een docent(e) uit de opleiding Sociale wetenschappen licht in zijn of haar les het donutmodel van Kate Raworth toe en kadert zo duurzame ontwikkeling.

Je merkt dat dergelijke inhouden via allerlei werkvormen aan bod kunnen komen: hoorcollege, groepswerk, casusonderwijs, discussie, …

Een ingrijpender manier om aan duurzaamheid te werken is een complex duurzaamheidsprobleem als rode draad in je vak(ken) te laten terugkomen. Licht de complexiteit van het probleem toe; verhelder verbanden met andere thema’s, opleidingsonderdelen, vakgebieden; laat de studenten een reflectie-opdracht maken.

 

Werk gericht aan een specifieke duurzaamheidscompetentie

Wil je graag gerichter of grondiger werken aan specifieke duurzaamheidscompetenties zoals de anticipatorische of zelfbewustzijnscompetentie, dan vind je zeker inspiratie in de tabel hieronder. Voor elke competentie krijg je een bondige omschrijving en een lijstje met geschikte werkvormen. Geïntrigeerd door werkvormen die je niet kent? Ga naar ‘Meer weten’.

Competentie

Voorbeelden van werkvormen

Systeemdenken: studenten verwerven kennis over duurzaamheiduitdagingen en hun complexiteit, ze leren verbanden zien.

Mindmap: een grafische voorstelling die helpt om op een flexibele manier verbanden te visualiseren.

Expertencarrousel: zorg voor een ruim panel aan experten of ervaringsdeskundigen aan wie de studenten vragen kunnen stellen.

Relatiecirkels: visuele werkvorm die studenten leert om de variabelen die verandering in een systeem veroorzaken te herkennen, benoemen en visualiseren.

En verder: sorteren, PESTLE, onderzoek op assumptions, online systeem in kaart brengen

Normatieve competentie: studenten leren met een kritische blik naar de wereld te kijken en die te bevragen, ze ontwikkelen het vermogen om de heersende normen en waarden binnen het betreffende systeem te bevragen.

Rollenspel: studenten verkennen andere opinies door een rol aan te nemen.

Kritisch denken stimuleren: kleine activiteiten die aantonen hoe makkelijk we in ons eigen perspectief blijven hangen.

En verder: dialoog starten, worldcafé, discussiegroep, groepswerk/jigsaw, casussen, simulaties

Anticipatorische competentie: studenten kunnen zich de toekomst verbeelden, en hoe die toekomst best zou evolueren in het belang van duurzaamheid. Ze leren hiervoor toekomstscenario’s op te zetten. 

Uittekenen van scenario’s: verhalen die alternatieve manieren beschrijven waarop de toekomst zich kan ontwikkelen.

Driver mapping: leer de politieke, economische, maatschappelijke, technologische, wetgevende en milieuaspecten (PESTLE) te identificeren.

En verder: horizon scanning, 7 questions, Delphi-techniek, envisioning, scenario-analyse, via toekomstdenken naar backcasting.

Strategische competentie: studenten leren hoe ze duurzaamheidsuitdagingen moeten aanpakken, ze leren collectief strategieën uit te zetten in de richting van duurzaamheid. 

Backcasting: proces waarbij je achteruit analyseert, met name van een gewenst toekomstbeeld naar de huidige situatie.

Design thinking: een methode om op een iteratieve en cocreatieve manier oplossingen te bedenken. 

 

En verder: ideeënmapping, wicked problem-plaza, solution focus circle, community service learning, actieonderzoek

Interpersoonlijke competentie: studenten leren zich in te leven in posities en argumenten van anderen, ze leren samenwerken en onderhandelen met die anderen. 

Community service learning: studenten passen de theorie toe tijdens een concreet maatschappelijk engagement binnen of buiten de universiteitsmuren.

Fishbowl: trekt discussie open en verhoogt de participatie.

 

En verder: empathy walk, simulaties, publieksevenement, groepswerk/jigsaw, storywall.

Zelfbewustzijnscompetentie: studenten leren zichzelf te verhouden ten opzichte van duurzaamheidsuitdagingen, ze reflecteren over de eigen unieke rol in de samenleving, ze leren acties motiveren en evalueren en omgaan met emoties en verlangens. 

Zelfreflectie: verschillende methodes om reflecteren te leren (zoals hier gebruikt in de context van Community Service Learning).

Maar ook: fotoworkshop, I-report, hindsight.

 

Kies voor inter- of transdisciplinair onderwijs

Om een complex duurzaamheidsprobleem of wicked problem te begrijpen en aan te pakken, is interdisciplinair samenwerken nodig. Duurzaamheidseducatie moet interdisciplinariteit introduceren; omgekeerd bieden duurzaamheidsuitdagingen unieke kansen om interdisciplinair te werken. Interdisciplinair werken kan met andere disciplines of met stakeholders.

  • Interdisciplinariteit in het onderwijs kan je realiseren via een interdisciplinair docententeam, maar ook door interdisciplinaire studententeams (uit verschillende richtingen).
  • Interdisciplinaire studententeams die samen met stakeholders rond een duurzaamheidsvraagstuk samenwerken, blijken een goede onderwijspraktijk om duurzaamheidscompetenties te verwerven. Zo’n samenwerking van een interdisciplinair studententeam met niet-academische actoren rond een gedeeld probleem heet transdisciplinair studentenonderzoek.
    • Transdisciplinair studentenonderzoek kan bijdragen tot oplossingen van duurzaamheidsvraagstukken van de eigen instelling en de maatschappij.
    • Als studenten een opdracht uitvoeren voor of een praktijkervaring opdoen bij een externe stakeholder, neem je die externe ervaring van die stakeholder best ook mee in de evaluatie. Laat de student daarom een eindproduct maken dat meteen ook toegankelijk is voor die externen: een samenvatting, aanbevelingen, een filmpje, een lezing, … Het is echter de titularis die het examencijfer bepaalt, externen kunnen enkel informatie aanleveren.
  • Is een interdisciplinaire aanpak organisatorisch niet mogelijk? Misschien kan je andere interdisciplinaire perspectieven toch in je les aan bod komen via gastsprekers, bedrijfsbezoeken, literatuur of rollenspelen. 
  • In de onderwijstip over inter- en transdisciplinair onderwijs vind je concrete handvaten en randvoorwaarden om deze werkwijzen in je onderwijs te integreren.

Hoe evalueer je duurzaamheid in je vak(ken)?

Kies een geschikte evaluatievorm

Duurzaamheidscompetenties omvatten zowel kennis en inzicht als vaardigheden en attitudes. De eindcompetenties concretiseren telkens wat het opleidingsonderdeel precies beoogt. Zet een geschikte mix aan evaluatievormen in om het brede scala aan duurzaamheidscompetenties (gaande van kennis over duurzaamheidsmodellen, over vaardigheden als het kritisch analyseren van wicked problems tot attitudes als bereidheid tot engagement) goed af te dekken in de toetsing doorheen de opleiding.

Gebruik rubrics

Gebruik heldere, observeerbare evaluatiecriteria om de complexere aspecten van duurzaamheidscompetenties, vooral attitudes, te toetsen. Daarin maak je expliciet duidelijk wat je onder die duurzaamheidscompetenties verstaat. Werk met iets ruimere evaluatiecriteria, gebaseerd op je leerdoelen, aangevuld met niveaus of standaarden waarmee je aangeeft in hoeverre aan ieder criterium is voldaan. Rubrics geven de combinatie van evaluatiecriteria en niveaus of standaarden handig weer.

Neem aandacht voor duurzaamheid mee als criterium in beoordelingsformulieren masterproef of stage

In de masterproef en stage tonen afgestudeerden in spe dat ze de verworven kennis en vaardigheden geïntegreerd kunnen toepassen. Daarom vormen die beide evaluatievormen een uitstekend aangrijpingspunt om verbanden te leggen met wicked issues zoals duurzaamheidsproblemen. 

Hoe bouw je een leerlijn Duurzaamheid op?

  • Jouw vak(ken) is (zijn) een schakel in het opleidingsprogramma dat wordt vormgegeven en bewaakt door de opleidingscommissie. Hoe groter de coherentie en de stapsgewijze opbouw binnen dat programma is, hoe beter jij je opleidingsonderdeel kan afstemmen op andere opleidingsonderdelen en hoe groter de leerwinst voor de studenten. 
  • Als lesgever kan je heel wat bereiken door het thema duurzaamheid te integreren in je opleidingsonderdeel. Op een meer gestructureerde manier aan duurzaamheid in de opleiding werken, kan via een leerlijn Duurzaamheid. Zo verwerven studenten stapsgewijs de duurzaamheidscompetenties. Aarzel niet de voorzitter van de Onderwijscommissie van je opleiding hierover aan te spreken.
  • Lees meer over hoe duurzaamheid in een volledige opleiding een plaats kan krijgen in deze onderwijstip Duurzaamheid: hoe maak je er werk van in je opleiding?

Praktijkvoorbeelden

Op deze webpagina vind je alle mogelijke voorbeelden gebundeld – in deze onderwijstip vind je een selectie.

“In de voorafgaande lessen wordt uitleg gegeven over het concept duurzame ontwikkeling en hoe dat concept is ingebed in het recht.

In deze les:

  • wordt toegelicht wat de klimaatverandering inhoudt en wat de oorzaken en gevolgen ervan zijn.
  • worden instrumenten zoals verhandelbare emissierechten besproken, die naast de traditionele command and control-instrumenten worden toegepast in het milieubeleid.
  • komt de klimaatzaak aan bod als voorbeeld van een milieuprobleem waarbij de politiek nalaat om maatregelen te nemen die ver genoeg gaan, waardoor verontruste burgers nar de rechter trekken, in de hoop dat die de overheid zal verplichten om strenge milieumaatregelen te nemen.

De klimaatzaak is een voorbeeld van een ‘positieve vordering’ (de burgers vragen aan de rechter dat de overheid strengere milieumaatregelen neemt) in tegenstelling tot de vele ‘negatieve’ vorderingen (de burgers willen via de rechter een beslissing van de overheid ongedaan maken, bijv. een onteigening, een milieuvergunning, een ruimtelijk plan). Bij die laatste soort vordering speelt dikwijls het NIMBY-syndroom, terwijl de positieve vorderingen iets vrij nieuws zijn in het recht en de maatschappij globaal duurzamer proberen te maken. Die positieve vorderingen zijn ook vanuit juridisch opzicht interessant. Zo roepen ze vragen op over de scheiding tussen uitvoerende en rechterlijke macht, over de grenzen van de democratie, over de rol van de wetenschap in rechterlijke uitspraken, …

De lesgever geeft blijk van een wetenschappelijke ingesteldheid en kritische houding ten opzichte van het omgevingsrecht en zijn maatschappelijke factoren, en probeert een positieve ingesteldheid ten opzichte van duurzame ontwikkeling over te brengen.”

 

Uit de studiefiche: 

“Deze gespecialiseerde cursus gaat na hoe de hedendaagse Engelstalige literatuur omgaat met de esthetische, ethische en existentiële uitdagingen die de klimaatverandering stelt. De klimaatverandering, wellicht de grootste bedreiging van onze tijd, wordt gewoonlijk beschouwd als een strikt wetenschappelijk, economisch of technologisch probleem. Ze roept echter ook diepgaande vragen op m.b.t. betekenis, waarden en rechtvaardigheid omdat ze gevestigde zienswijzen en manieren van in-de-wereld-zijn op losse schroeven zet. De vroege eenentwintigste eeuw zag een golf van literaire teksten die conventionele representatiewijzen verwerpen of heruitvinden in een poging om de aard en betekenis van de klimaatverandering en de urgentie om ze aan te pakken te vatten en te communiceren. Deze cursus gaat na hoe hedendaagse Engelstalige literatuur worstelt met de uitdagingen die een opwarmende planeet met zich meebrengt. Bijzondere aandacht wordt besteed aan de formele innovaties vereist door de klimaatverandering, een fenomeen van een omvang en complexiteit die vertrouwde verhaalvormen tarten, en aan de manier waarop schrijvers in hun werk omgaan met ongelijkheden in de globale verdeling van verantwoordelijkheid en kwetsbaarheid voor de klimaatverandering. Een selectie van recente menswetenschappelijke theorievorming over de klimaatverandering en haar culturele inkadering en impact zal als achtergrond fungeren voor de bespreking van een brede waaier aan literaire responsen uit verschillende genres, gaande van romans, korte verhalen en strips tot essays, gedichten en toneelstukken.”

 

“The bigger picture is de naam van een introductievoormiddag aan het begin van het academiejaar voor alle studenten uit de 1e bachelor Handelswetenschappen over duurzaamheid, maatschappelijk engagement en ondernemen en over de manier waarop dit aan bod komt in de eigen opleiding en het werkveld:

Het doel van deze introductievoormiddag is om de studenten van bij de start van de opleiding vertrouwd te maken met de speerpunten duurzaamheid, maatschappelijk engagement en ondernemen. Deze speerpunten zijn bovendien nauw met elkaar verboden. Naast een algemene introductie over duurzaamheid en ondernemerschap, komen ook telkens gastsprekers aan het woord die het belang van duurzaamheid en duurzaam ondernemerschap onderstrepen. Zo kwam in de editie van 2019 Jeroen Vereecke spreken over Robinetto en Eva Biltereyst over het CSR-beleid bij Colruyt. Tot slot brachten een aantal oud-studenten praktijkgetuigenissen over hoe zij zelf aan de slag gingen met duurzaamheid, maatschappelijk engagement en ondernemerschap.

Deze introductievoormiddag is een van de vele acties die de opleiding Handelswetenschappen onderneemt om duurzaamheid volledig te integreren. Deze acties kwamen er naar aanleiding van een veranderingstraject dat de volledige opleiding in 2015 en 2016 doorliep om enerzijds een visie te ontwikkelen over duurzaamheid in de opleiding en anderzijds een transitiepad uit te stippelen om duurzaamheid meer te integreren in de opleiding. Achtergrondinformatie, de resultaten van dit traject en de lessen die eruit getrokken werden, vind je in de publicatie Duurzame ontwikkeling als een rode draad. Opleidingen aan de Universiteit Gent in transitie.

 

In de Call for Challenges, gelanceerd door DO! (Durf Ondernemen) en TechTransfer, vind je heel wat uitdagingen die duurzaamheid als focus of als subthema hebben. Die oproep is gericht naar organisaties en bedrijven: zij kunnen uitdagingen indienen waarvoor zij een oplossing zoeken. Met die uitdagingen kunnen studenten aan de slag tijdens het volgende academiejaar. De oproep is ook, maar niet specifiek, gericht aan de non-profitsector. DO! gaat vervolgens op zoek naar opleidingsonderdelen of projecten die dergelijke uitdagingen willen aangaan via de Design Thinking-methode.

 

 

De Stadsacademie is een platform dat focust op sociaal-ecologische problemen van de Stad Gent en de Universiteit Gent. Academici, studenten, beleidsmakers, middenveldorganisaties, … werken samen binnen inter- en transdisciplinaire onderzoeksprocessen aan probleemdefinities en mogelijke oplossingen, (living lab)-experimenten en opschalingsinitiatieven, (beleids)rapporten en wetenschappelijke artikels. Opgaves worden verkend via studentenonderzoek – vak, stage, bachelorproef, en interdisciplinaire masterproefateliers. Er worden excursies, expertenpanels, stakeholder-raadplegingen etc. georganiseerd. Bij een masterproefatelier gaan studenten aan de slag in een interdisciplinaire setting, maar altijd binnen het kader van hun opleiding. Studenten kunnen fysiek samenwerken in de

 Green Hub en er worden discussies tussen studenten van verschillende disciplines gefaciliteerd. De resultaten worden gedeeld met de centrale administratie en een groter publiek via presentaties en lezingen. De scripties zelf komen op de website van de Stadsacademie en worden opgenomen in de communicatie van het Duurzaamheidskantoor.

Het Living Lab campus Sterre is een project van de Stadsacademie, waarbij de campus als experimenteerruimte dient voor studenten, universiteitsmedewerkers, academisch personeel en externe actoren die samen innovatieve maatregelen uitwerken om de campus duurzamer en klimaatvriendelijker te maken.

De voorbije jaren doorliepen een aantal opleidingen een pilootproject. Ze kregen daarbij de steun van een opdrachthouder voor de UBK 'duurzaamheid' en van het vernieuwde DOWA-ondersteuningsaanbod voor opleidingen. De resultaten van deze projecten, met heel wat inspiratie voor opleidingen en lesgevers, vind je in de publicatie "Wervende werven en recycleerbare resultaten. Duurzaamheid verankeren in opleidingen aan de UGent" (Vandenplas & Block, 2022).

Meer weten?

  • Leen Van Gijsel, onderwijsondersteuner Duurzaamheid, Maatschappelijke impact & Community Service Learning, e leen.vangijsel@ugent.be, t +32 9 331 00 55
  • Surf naar het online leerpad Lesgeven voor en over duurzaamheid, onwikkeld door de vijf Vlaamse universiteiten samen met Duurzaam Educatiepunt (het programma voor duurzaam hoger onderwijs van de Vlaamse overheid).
    • Inleiding: waarom duurzaamheidseducatie
    • Hoofdstuk 1: verschillende theoretische kaders, een historisch perspectief en uitgewerkte voorbeelden van complexe duurzaamheidsuitdagingen.
    • Hoofdstuk 2: duurzaamheid in de onderwijspraktijk
    • Hoofdstuk 3: duurzaamheidseducatie en de transitie van hogeronderwijsinstellingen
  • Block, T. SDG’s in onderzoek en onderwijs aan UGent: korte nota die verheldert hoe de UGent wil omgaan met de SDG’s. Met concrete en praktische tips voor docenten die de SDG’s willen gebruiken in hun onderwijs.

Lees de bronnen waarop deze onderwijstip is gebaseerd:

UGent-praktijken

Laatst aangepast 1 april 2022 11:45