Feedback: (bijna) alles wat je moet weten

In deze tip leer je wat feedback is en waarom het goed is om er tijd in te investeren. Naast algemene tips wordt ook dieper ingegaan op een aantal valkuilen. De tip geeft verder een aantal UGent-voorbeelden en neemt de UGent-regelgeving rond feedback onder de loep. Deze tip eindigt met een feedbackquiz

Wat is feedback?  

Feedback is informatie op basis waarvan studenten hun prestaties en (studie)gedrag kritisch onder de loep nemen en zelfstandig hun leerproces sturen. Ze kunnen daarbij verschillende soorten kennis in vraag stellen: 

  • domeinspecifieke kennis (bijvoorbeeld: inzien dat er een verschil is tussen klassieke en operante conditionering); 
  • cognitieve tactieken en strategieën (bijvoorbeeld: inzien dat het handig is om eerst een tekst snel diagonaal door te lezen om zo een idee te krijgen van hoe complex de verwerking van de tekst zal zijn); 
  • metacognitieve kennis (bijvoorbeeld: beseffen dat zeer compacte teksten moeilijker te verwerken zijn); 
  • overtuigingen over zichzelf of de taak (bijvoorbeeld: weten dat je goed bent in teksten structureren) 

De lesgever kan feedback geven, maar ook studenten kunnen onderling feedback geven (peerfeedback) of kunnen zichzelf feedback geven (selffeedback) met behulp van bepaalde tools (bijvoorbeeld: een checklist). Feedback kan tussentijds plaatsvinden of na een evaluatiemoment.  

Waarom moet je feedback geven? 

Feedback bevordert diepgaand leren. Studenten krijgen namelijk inzicht in bepaalde knelpunten en groeimogelijkheden. Daarnaast leert de student beter reflecteren en stijgt de motivatie voor de taak.  

Hoe geef je feedback?  

Goede en effectieve feedback geven is niet gemakkelijk. Hieronder vind je een aantal tips waarmee je rekening kan houden als je feedback geeft.  

Koppel terug naar de vooropgestelde (taak)doelen 

Een taak is steeds gekoppeld aan leerdoelen (cf.  gebaseerd op de eindcompetenties). Deel die doelen vooraf mee aan de studenten zodat ze weten waar ze naartoe werken. Feedback geven doe je door de leerprestaties en het leerproces af te wegen ten opzichte van deze doelen om zo het verband tussen de doelen en het resultaat zichtbaar te maken. Besteed bij het concretiseren van je doelen zeker voldoende aandacht aan zowel het proces (aanpak) als het product (inhoud en vorm). Dat geeft een genuanceerder beeld over de prestaties van de student.  

In plaats van de doelstellingen van de taak ‘droog’ te bespreken, kan je ook met verhelderende voorbeelden werken. Geef bijvoorbeeld uitstekende werkstukken mee van het voorgaande jaar om je hoge verwachtingen te illustreren. Die werkstukken zullen als de norm beschouwd worden. Geef uiteenlopende werkstukken mee zodat studenten zich niet te veel aan de inhoud spiegelen. 

Geef zoveel mogelijk tussentijdse feedback 

Het doel van tussentijdse feedback is dat studenten kunnen groeien en hun prestaties kunnen bijspijkeren. Dankzij tussentijdse informatie krijgen studenten meer inzicht in de doelstellingen van de taak, kunnen ze sneller bijsturen en een hoger niveau bereiken. Hoe dichter de feedback aansluit bij het gedrag of de opdracht, hoe beter studenten inzien hoe ze het eindresultaat zelf kunnen beïnvloeden. 

Benadruk sterktes en zwaktes  

Besteed aandacht aan gewenst gedrag waaraan studenten iets kunnen veranderen. Benadruk dus niet alleen negatieve, maar ook positieve elementen. Door positieve feedback stellen studenten meer gewenst gedrag en luisteren ze aandachtiger. 

In onderstaand fragment is de lesgever zeer negatief over de student en geeft weinig concrete uitleg. Voorkom deze aanpak bij feedback: 

Meld je aan met je UGent account op MS Stream om de video's te bekijken.

Volg deze aanpak bij feedback: 

  • De lesgever start met positieve feedback en houdt zo de aandacht vast. 
  • De lesgever geeft inhoudelijk relevante en concrete feedback.  

 

Ideale feedback voegt positieve feedback, negatieve feedback en suggesties ter verbetering samen. 

Wees concreet en specifiek 

Geef altijd zo duidelijk mogelijke feedback. Vermijd algemene opmerkingen waarmee studenten geen vaardigheden kunnen bijsturen of ontwikkelen. Zeg dus niet: “Wees concreet”, maar wel:  “Geef duidelijk aan wat de voor- en nadelen van dit standpunt zijn en waarom je het inneemt”. Ook bij positieve feedback geef je bij “Je werkstuk was fantastisch” aan wat er precies zo geweldig aan was. 

Voorkom dus deze aanpak bij feedback: 

  • De lesgever focust op wat niet goed is. 
  • De lesgever is niet specifiek over de verwachtingen: Welk niveau en welke eisen worden precies vooropgesteld? En wat is er concreet mis met de tekststructuur? 

 

Volg liever deze aanpak bij feedback waarbij je duidelijke tips geeft over hoe studenten hun vaardigheden kunnen bijsturen of ontwikkelen: 

Vertrek van de feiten 

Vertrek van het feitelijke gedrag van de studenten. Wat heb je gelezen, gehoord, gezien en welke indruk heb je daarvan? Een 'goed' of 'onvoldoende' stimuleert het leerproces niet. Ga ook een stap verder dan werkpunten aangeven: geef alternatieven of ga samen met de student op zoek naar alternatieven. In deze video spreekt de lesgever enkel een oordeel uit.  

 

Geef dus liever feitelijke en concrete feedback, zoals in deze video:   

 

Ga na of de studenten de informatie begrijpen zoals jij ze bedoeld hebt. Vraag dus om een reactie om eventuele misverstanden te achterhalen.  

Laat de studenten eerst zelf een beoordeling uitspreken 

Vraag studenten eerst wat ze zelf van hun werk vinden. Zo weet je hoe ze zichzelf inschatten en worden ze gedwongen om te reflecteren over de kwaliteit van hun werkstukken. Laat het feedbackgesprek niet overheersen door jouw oordeel. Studenten klappen dan dicht en het leereffect is minimaal, zoals in deze video: 

 

Als je weet hoe een student zichzelf inschat, kan je het feedbackgesprek beter uitbouwen en een groter leereffect bereiken, zoals in deze video: 

 

Beperk de hoeveelheid informatie 

Bedelf studenten niet onder een weinig uitnodigende en demotiverende stroom van kritiek. Wil je toch veel informatie meegeven? Doe dat dan gestructureerd. Wat zijn hoofdpunten? Wat zijn kleinere werkpunten? 

Gebruik de ik-boodschap 

Vertrek vanuit de eigen positie en gebruik geen jij-boodschappen die een defensieve of ontkennende reactie kunnen uitlokken (“Ik heb gemerkt dat op tijd komen niet je sterkste punt is” versus “Je komt altijd te laat.”) Geef zoveel mogelijk feitelijke feedback, omschrijf hoe je je hierbij voelt en schets de gevolgen van die gedragingen, bijvoorbeeld: “Ik stel vast dat je je taken slordig afwerkt. Je werkstuk bevat veel taalfouten en de lay-out is niet in orde. Ik vind dit heel jammer, want zo verlies je punten.” 

Leg de feedback schriftelijk vast 

Feedback schriftelijk vastleggen voorkomt verwarring over gemaakte afspraken. De lesgever kan dat zelf doen of overlaten aan studenten. 

 

Hoe ga je om met defensieve reacties bij feedback? 

Soms verloopt feedback niet zoals je verwacht. Reageert een student defensief op een lage score en de bijbehorende feedback, zoals in deze video? Lees verder onder de video voor tips om hiermee om te gaan: 

Begin de feedback met twee onweerlegbare feiten 

  • De student verwachtte zich niet aan een laag cijfer en heeft zich nog niet verzoend met het resultaat. Vermijd daarom eindeloze discussies door het gesprek te starten met twee onweerlegbare punten van feedback.  
  • De lesgever in de filmpjes hierboven begint de feedback met kleine fouten zoals een foute zinsconstructie, terwijl die niet de oorzaak zijn van de slechte score. Daardoor belandt de lesgever al in een discussie zonder de kern van het probleem te raken: de slechte opbouw en argumentatie. 

Vertrek van de doelstellingen 

  • Koppel de prestatie aan de doelstellingen van de opdracht of het examen. Studenten zien dan beter in waar ze heen moeten, wat ze al onder de knie hebben en waar ze nog aan moeten werken.   
  • De lesgever in de filmpjes hierboven vertrekt niet van de doelstelling waardoor de studente niet weet wat ze moet doen om de opdracht te verbeteren. De verwijzing naar een vorig gesprek en het uiteindelijke resultaat tonen dat ook aan. 

Bereid jezelf voor 

  • De lesgever in de filmpjes hierboven heeft niet onmiddellijk zicht op de prestatie van de student waardoor er elementen worden aangehaald die een defensieve reactie oproepen, bijvoorbeeld: de verwijzing naar schrijffouten, het al dan niet onderlijnen van een titel, enz.  
  • Bereid jezelf daarom voor als je feedbackgesprekken houdt. Geef je feedback op afspraak, overloop de paper of het examen dan vooraf. Als de studenten vrij kunnen binnenwandelen en feedback vragen, vraag dan even om geduld en bezin je eerst over de prestatie voor je start met het effectieve gesprek.  

Voorzie een rustige ruimte 

  • Neem de tijd om de student te woord te staan. Zorg ervoor dat er geen telefoons, mails of andere bezoekers het gesprek doorkruisen. Studenten blijven dan geconcentreerd op het gesprek en krijgen het gevoel dat er meer naar hen wordt geluisterd.  

Vergelijk niet met andere studenten 

  • De lesgever in de filmpjes hierboven focust zich enkel op de paper van de student in kwestie en gaat, terecht, de vergelijking met de medestudent uit de weg.  
  • Focus dus op objectieve criteria, gebaseerd op de doelen van de taak.  

Onderhandel niet over de score 

  • Wil een student onderhandelen over zijn of haar score, blok de discussie dan onmiddellijk af. Zeg dat je wel feedback wil geven, maar dat je het niet wil hebben over de score.  
  • Blijft de student halsstarrig terugkomen op de score? Rond af en plan (eventueel) een nieuw gesprek.

 

Praktijkvoorbeelden aan de UGent 

Laat je inspireren door voorbeelden van je collega’s aan de UGent!  

 

Indianio is een webtoepassing die lesgevers toelaat om projecten aan te maken, en daarbij aan te geven wat de studenten precies moeten indienen, hoe ze die ingediende bestanden moeten verwerken en welke feedback ze krijgen tijdens en na het indienen. 

Indianio verifieert onmiddellijk of een bestand dat door een student wordt ingediend voldoet aan de vooropgestelde vereisten. Er kan bijvoorbeeld gecontroleerd worden of het bestand effectief van het gevraagde type is, bijvoorbeeld een PDF-document, een Excel-bestand of een ZIP-archief. In dat laatste geval is het ook mogelijk om op te geven welke bestanden in het archief moeten aanwezig zijn, of net niet moeten aanwezig zijn. Door bestanden te weigeren die niet aan de vormvereisten voldoen, en de student daar onmiddellijk op te wijzen, bespaart Indianio zowel lesgevers als student aanzienlijk wat werk en heen-en-weergemail. 

Contactpersoon: Prof. dr. Peter Dawyndt – Faculteit Wetenschappen  

 

 

Dodona is een online leeromgeving om te leren programmeren. Het platform ondersteunt verschillende programmeertalen en is gratis voor scholen als ondersteuning bij programmeerlessen. 

Leerlingen melden zich aan via de Office 365, G-Suite of Smartschoolaccount van hun school, schrijven zich in voor cursussen en kiezen uit honderden verschillende oefeningen. Ze gebruiken de ingebouwde editor om oplossingen in te dienen en krijgen al na enkele seconden automatisch gegenereerde feedback te zien. Met die feedback gaan ze aan de slag om hun oplossing bij te sturen of verder te verfijnen. Ze kunnen op elk moment hun voortgang doorheen een cursus en nakende deadlines voor het indienen van oplossingen zien. 

Leerkrachten kunnen onbeperkt cursussen aanmaken waarin ze een leerpad uitstippelen met oefeningen voor een bepaalde doelgroep. Hiervoor putten ze uit zorgvuldig uitgewerkte oefeningen met wisselende moeilijkheidsgraad. Ze kunnen eigen oefeningen aan Dodona toevoegen en kunnen die ook delen met hun collega’s als ze dat willen. Via learning analytics kunnen ze constant de voortgang van alle leerlingen in hun cursussen in het oog houden, zowel individueel als in groep. 

Contactpersoon: Prof. dr. Peter Dawyndt – Faculteit Wetenschappen 

 

 

Alice wil het bestaande logicaprogramma van de Faculteit Letteren en Wijsbegeerte aanpassen naar een uitbreidbare webapplicatie met taal- en redeneeroefeningen, die zich aanpast aan het niveau van de individuele gebruiker. Het biedt ondersteuning bij de opleidingsonderdelen ‘Logica’ (Faculteit Letteren en Wijsbegeerte) en ‘Vaardigheden I’ (Faculteit Recht en Criminologie) en kan universiteitsbreed worden gebruikt voor het opfrissen en remediëren van een aantal elementaire vaardigheden rond redeneren, argumenteren en begrijpend lezen.  

De student kan de oefeningen zelfstandig en online oplossen en alles wordt door de computer verbeterd. Het systeem is adaptief. Zo is de moeilijkheidsgraad van oefeningen aangepast aan het leerproces van de student. Daarnaast geeft Alice feedback op maat van de student. Zo wordt de individuele begeleiding in grote groepen voor een stuk opvangen. Het programma is een oefenomgeving. De studenten moeten zelf aan de slag gaan. 

Het project is gestart in augustus 2016 en kan ondertussen ook oefeningen aanbieden voor lesgevers die oefeningen met algoritmes gebruiken, of werken met relatief gesloten problemen die stapsgewijs kunnen opgelost worden. Omdat Alice adaptief wil zijn en gebruik wil maken van de geschiedenis van de student om de oefeningen aan te bieden, is het grotendeels inhoudsonafhankelijk en ook inzetbaar in andere faculteiten. 

Contactpersoon: Prof. dr. Joke Meheus – Faculteit Letteren en Wijsbegeerte 

 

 

De onderzoeksgroep van de vakgroep Telecommunicatie en Informatieverwerking (Faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur) heeft een online platform geïmplementeerd voor het opleidingsonderdeel ‘Databanken’. De studenten krijgen een reeks vragen, die ze moeten beantwoorden met behulp van een SQL-query. Het antwoord wordt vervolgens geanalyseerd en (in beperkte mate) geëvalueerd, waarna de gebruiker feedback krijgt over de correctheid van het antwoord. Als het antwoord verkeerd was, wordt er gepoogd om suggesties of hints te geven. Echter, ook bij correcte antwoorden worden er suggesties gegeven voor alternatieve methodes, sleutelwoorden bij de specifieke vraag... 

Lesgevers kunnen bovendien de gebruikersactiviteit inspecteren (zie: figuur). Zo is het bijvoorbeeld gemakkelijk om te zien welke vraag voor moeilijkheden zorgt, zodat die kan worden bijgestuurd. Het is ook duidelijk hoeveel studenten er actief zijn, en hoe ver de gemiddelde student gevorderd is in het oefeningenpakket. 

De feedback naar studenten wordt nog uitgebreid. Daarnaast wil men het prototype ombouwen tot een systeem van peerfeedback, waarbij studenten feedback geven op antwoorden van hun collega’s. 

Contactpersoon: Antoon Bronselaer – Faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur 

 

 

In onderstaande presentatie worden de (geautomatiseerde) feedbackmogelijkheden binnen Curios toegelicht. Zo kan je onder andere: 

  • directe feedback ingeven bij de vragen, met mogelijkheid tot het tonen van juist-foutindicaties; 
  • persoonlijke rapporten met feedback genereren; 
  • globale feedback geven die gebaseerd is op de totaalscore van een vragenreeks; 
  • automatisch aangepaste feedback voorzien bij vragen waarbij studenten elk een oefening krijgen met verschillende gegevens (random parameters). 

Contactpersoon: Toon Van Hoecke – DICT 

 

 

De UGent-schrijfwijzer biedt een overzicht van de criteria waaraan een academische schrijftaak moet voldoen en is het resultaat van een samenwerking tussen het UGent-talenbeleid, het Universitair Centrum voor Talenonderwijs (UCT), en hoofdlector communicatie Leen Pollefliet

Lesgevers kunnen de schrijfwijzer inzetten om de verwachtingen bij schrijftaken te expliciteren, om feedback te voorzien en om te evalueren. Zo kan de lesgever met de nummers in de schrijfwijzer het type fouten aanduiden in de tekst zelf. Daardoor hoeft de lesgever geen uitgebreide feedback per werkstuk te schrijven. De student kan de feedback gericht nalezen in de taaladviezen bij elk nummer op de website www.ugent.be/taaladvies. Door niet onmiddellijk te verbeteren in de teksten zelf, leren de studenten meer.  

Daarnaast kan de student de schrijfwijzer gebruiken als checklist bij het nalezen, en als hulpmiddel bij peerfeedback. Daarbij is het noodzakelijk de studenten aan te leren hoe zij werkstukken van andere studenten kunnen beoordelen. 

De schrijfwijzer kan universiteitsbreed worden ingezet en al dan niet in samenwerking met het DOWA-talenbeleid ook op maat van de faculteit/opleiding worden gemaakt. Dit filmpje demonstreert hoe jij of je studenten de Schrijfwijzer concreet kunnen gebruiken. 

Contactpersonen: Mit Leuridan, Liesbet Triest en Fieke Van der Gucht – DOWA-talenbeleidsmedewerkers

 

 

Binnen Ufora zijn er heel wat mogelijkheden om feedback in te bouwen.  

  • Via tests is het mogelijk om geautomatiseerde feedback in te bouwen. De student krijgt de feedback te zien na afloop van de test (en dus niet na elke vraag). De lesgever kan op voorhand aangeven wat het juiste of foute antwoord is en kan hier telkens feedback aan koppelen. De lesgever kan ook bepaalde hints inbouwen voor de student, vragen laten shuffelen of werken met een vragenpool waardoor per test telkens andere vragen aan bod komen. Het is echter ook mogelijk om een of meer vragen ‘vast’ te zetten zodat die telkens opnieuw voorkomen. Binnen een test is het ook mogelijk om te werken met secties. Zo kan je bijvoorbeeld aangeven of een vraag binnen een ‘eerder gemakkelijke’ of ‘moeilijke’ sessie valt. Voor de gevorderde gebruiker van Ufora is het ook mogelijk om release conditions in te stellen. Je kan bijvoorbeeld instellen dat een student  pas verder kan gaan naar een volgende inhoudsmodule wanneer hij een bepaalde minimumscore voor de test heeft behaald. Als lesgever kan je instellen hoeveel keer een student een test kan afleggen. Een test kan niet anoniem afgelegd worden. 
  • Bij enquêtes kan je, in tegenstelling tot tests, niet aangeven of een antwoord goed of fout is (daarvoor dienen enquêtes ook niet). Toch zijn ze wel handig om te gebruiken bij het geven van feedback omdat je informatie kan geven na élke vraag (en niet enkel op het einde van de enquête). Ook hier is het mogelijk om de vragen te shuffelen en om met secties te werken. Werken met een vragenpool is hier niet mogelijk. De student kan de enquête ook meerdere keren afleggen als je dat zo instelt. Het laatste antwoord is het antwoord dat de lesgever te zien krijgt. Een enquête kan anoniem afgelegd worden.  
  • Op individuele of groepstaken kan er rechtstreeks via Ufora feedback worden gegeven. Bij opdrachten kan de student een tekst-/audio-/videobestand indienen , waarop de lesgever dan feedback kan geven in de vorm van annotaties, tekeningen, video, audio… (Let op: als je dat wil doen, moet je bij het aanmaken van de opdracht ‘Annotatiehulpmiddelen beschikbaar maken’ aanvinken).  
  • De discussieruimte kan je gebruiken als forum om rechtstreeks feedback te geven op vragen van de studenten. Ook de chatruimte kan je daarvoor gebruiken.  
  • Under construction: in de toekomst zal het mogelijk zijn om de peerreviewtool te gebruiken voor het evalueren van een taak of document door een of meer personen.  

 

Wat is de UGent-reglementering rond feedback? 

Het Onderwijs- en Examenreglement (het OER) van de UGent legt volgende voorwaarden op aan feedback: 

Wanneer moet je feedback geven?  

Feedback (na examens) moet op volgende momenten plaatsvinden: 

  • na de examenperiode van het eerste semester, 
  • na de examenperiode van het tweede semester, 
  • na de tweede examenperiode .

De exacte data vind je in de academische kalender van het Onderwijs- en Examenreglement

Studenten hebben tijdens dit feedbackmoment recht op zowel feedback op het examen als inzage van hun examenexemplaar en de ingediende werkstukken. 

Uiteraard is het, naast de verplichte feedbackmomenten na de examens, een goede praktijk om ook zoveel mogelijk tussentijds feedback te geven. Feedback in het kader van niet-periodegebonden evaluatie en deelexamens moet je steeds zo snel mogelijk voorzien en kan dus zeker plaatsvinden buiten de hierboven beschreven feedbackperiodes. 

Wie moet feedback geven? 

Elke student heeft binnen de feedbackperiode recht op feedback en inzage van de examenkopij en werkstukken. Het is de verantwoordelijk lesgever of de door de verantwoordelijk lesgever aangewezen persoon die hiervoor ter beschikking staat.  

Wat als de student niet aanwezig is op het feedbackmoment?  

Als een student met een wettige reden afwezig was op het geplande feedbackmoment, is het mogelijk om na akkoord tussen de lesgever en de student feedback of minimaal inzage van de examenkopij op een ander tijdstip binnen of buiten de betrokken feedbackperiode te organiseren.  Meer informatie vind je in artikel 60 van het Onderwijs- en Examenreglement

 

Test je kennis over feedback 

Klik hier en test, in enkele minuten tijd, je kennis over goede feedback geven.  

 

Meer weten?  

  • Gibbs, G. and Simpson, C. (2004) Conditions under Which Assessment Supports Students’ Learning. Learning and Teaching in Higher Education (LATHE), 1, 3-31. http://insight.glos.ac.uk/tli/resources/lathe/Documents/issue%201/articles/simpson.pdf
  • Hattie, J., & Timperley, H. (2007). The Power of Feedback. Review of Educational Research, 77(1), 81–112. https://doi.org/10.3102/003465430298487 
  • Nicol, D.J., Macfarlane-Dick, D., (2006). Formative assessment and self-regulated learning: a model and seven principles of good feedback practice. Studies in Higher Education, 31 (2), p. 199-218. 
  • Rosenberg, M.B. (2010). Geweldloze communicatie. Ontwapenend en doeltreffend. Rotterdam: Lemniscaat. 
  • Winne, P. H. & Butler, D. L. (1994). Student Cognition in learning from teaching. In T. Husen & T. Postlewaite (Eds.), International Encyclopedia of Education (2nd ed., pp.5738-5745). Oxford, UK: Pergamon. 

Laatst aangepast 14 oktober 2020 08:58