Betrekken van studenten: hoe doe je dat bij online onderwijs?

In elke onderwijsactiviteit is het van belang alle studenten bij de les te betrekken en te houden. Online onderwijs maakt het echter vaak moeilijker om studenten te engageren, en dat niet enkel door de fysieke afstand. Hoe jij als lesgever invloed kan uitoefenen op die betrokkenheid, lees je in deze onderwijstip.

Basisprincipes 

Er zijn verschillende oorzaken waarom studenten afhaken tijdens online onderwijs. Vaak situeren die zich op intrapersoonlijk vlak, bijv. desinteresse of een korte aandachtsboog. Als lesgever heb jij wel degelijk invloed op die oorzaken, zowel door je doceerstijl, als door te tonen dat jij zelf betrokken en beschikbaar bent. 

Onderstaande basistips helpen je om zoveel mogelijk studenten mee te krijgen in al je onlineonderwijs.

  • Geef concrete instructies in duidelijke taal bij al je leermateriaal: wat verwacht je van de studenten, en wat kunnen zij van jou verwachten? Geef dagelijks/wekelijks de planning mee via Ufora. Chaos en onduidelijkheden zorgen ervoor dat studenten afhaken.
  • Investeer in online (a)synchrone contactmomenten voor studenten, zowel met jou als lesgever als met elkaar. Zo voelen ze dat ze er niet alleen voor staan. Je kan daarvoor het Ufora-discussieforum, MS Teams of Bongo Virtual Classroom gebruiken. 
  • Gebruik activerende werkvormen. Je zet daarmee studenten aan tot communicatie en samenwerken, waardoor ze sowieso betrokken worden. 
  • Zorg in die interactie voor een veilige leeromgeving waarin je oog hebt voor wederzijds respect, gevoeligheden en persoonlijke noden.
  • Speel in op de interesses en leefwereld van studenten. Geef betekenisvolle en authentieke taken die aansluiten bij de voorkennis en achtergrond van studenten. Gebruik ook voorbeelden, audiovisueel materiaal, casussen, toepassingen of onderzoek waarin studenten met een verschillend profiel zich kunnen herkennen en die de diversiteit in de samenleving weerspiegelen. 
  • Wees je ervan bewust dat studenten heel verschillende achtergronden en profielen kunnen hebben. Mogelijks ervaren studenten hierdoor drempels om actief te participeren. Probeer indien mogelijk zicht te krijgen op de verschillende profielen van studenten in je les. Merk je dat studenten opvallend minder betrokken zijn? Stel je uitnodigend op, spreek hen eventueel persoonlijk aan en ga samen op zoek naar een oplossing. 
  • Probeer het onpersoonlijke te vermijden: maak eens een grap of vertel een persoonlijke anekdote zodat studenten sociaal verbonden blijven. Jouw enthousiasme over je leerstof bepaalt mee de betrokkenheid van de studenten.
  • Houd alle bovenstaande tips in het achterhoofd wanneer je hybride onderwijs verzorgt, i.e. een deel van je studenten is op de campus terwijl de anderen online volgen. Vaak vergeet een lesgever de studenten die thuis zitten. Integreer ook voor hen (a)synchrone contactmomenten via het Ufora-discussieforum, MS Teams enz. (zie puntje 2), hanteer activerende werkvormen, enz.

 

In het vervolg van deze onderwijstip lees je specifieke tips voor synchrone en asynchrone lessen.

 

Hoe betrek je studenten in een synchrone les?

Wanneer je live een online les geeft, is het iets gemakkelijker studenten te betrekken dan wanneer je werkt met opgenomen leermateriaal. Onderstaande tips zijn specifiek bij synchrone lessen van belang.

  • Gebruik een toegankelijke tool. Het is demotiverend om te veel tijd en moeite te moeten steken in de opstart van een tool. Ga na of je tool ook gebruiksvriendelijk is voor studenten met een functiebeperking, en houd rekening met hen bij de keuze van je tool.
  • Verdeel je les in blokken. Per blok las je idealiter per 15 minuten een interactiemoment in. Meestal zal zo’n interactie gebeuren door vragen te stellen, bijv. een open vraag in je presentatie, een quiz, enz.   
  • Verwittig je studenten dat je vragen zal stellen. Zo zijn ze voorbereid, en voelen ze zich meer betrokken. 
  • Laat je studenten zelf minstens 1 vraag stellen. Tijdens een synchrone les kan je daarvoor de chatfunctie gebruiken of de studenten beurtelings de micro laten vragen, bijv. door hun hand te laten opsteken in MS Teams of Bongo. Probeer die vragen tijdens de les al te beantwoorden, idealiter na een bepaald deel van je les zodat je niet voortdurend onderbroken wordt. 
  • Integreer pauzes/korte stiltes om studenten te laten nadenken over een vraag of gewoon om hun aandacht terug te winnen. Tel bij stiltes minstens tot 15: een stilte ervaar jij altijd langer dan je toehoorder. Je kan ze in die pauzes ook specifieke korte taken laten uitvoeren en daarover laten rapporteren, bijv. via een buzz-groep in een break-outroom.
  • Verwittig je studenten dat ze tijdens bepaalde momenten van je les op zoek moeten gaan naar iets specifieks, bijv. een leugen of misvatting, en bespreek dat daarna. Zo speel je in op verwachte voorkennis van je studenten, en oefen je bovendien voor mogelijke multiplechoicetesten.
  • Gebruik ook andere activerende werkvormen waarin je studenten aanzet tot productie, bijv. discussiëren, notities nemen, samen schrijven, enz.
  • Werk in kleinere groepen als dat mogelijk is. Je kan daarvoor break-outrooms gebruiken. Je studenten zullen sneller geneigd zijn actief deel te nemen, wat hun betrokkenheid vergroot. Tegelijkertijd heb jij meer kans om in te spelen op hun vragen en bedenkingen. Je zet ze zo ook aan tot (taal)productie.

 

Hoe betrek je studenten in een asynchrone les?

Opgenomen leermateriaal vormt een grotere uitdaging om studenten betrokken te houden. Onderstaande tips helpen je daarbij.

  • Houd de afzonderlijke opgenomen sessies zo kort mogelijk. Bij asynchroon onderwijs, bijv. met kennisclips, probeer je per fragment niet over de 5 minuten te gaan.
  • Antwoord zo snel mogelijk op vragen van studenten, of die nu via een chatfunctie of via mail worden gestuurd. Zo voelen studenten aan dat je aanwezig bent en bereid bent om hen te ondersteunen in hun verwerkingsproces. Dat vergroot de motivatie om de leerstof te verwerken. Je kan zo ook kort op de bal spelen bij mogelijke technische problemen, bijv. filmpjes die niet openen, enz.
  • Laat je studenten discussiëren. Interactie tussen studenten onderling en met de lesgever is cruciaal om betrokkenheid te garanderen, en een ideale leeromgeving te creëren. Leg ze daarvoor een tijdspanne op, bijv. 1 week, zodat ze ongeveer op hetzelfde moment starten en eindigen, en op tijd hun les bekijken.
  • Voorzie in je leermateriaal op Ufora een integratie van extra leerinhoud voor studenten die verdieping zoeken. Geef in die (sub)module duidelijk aan met welk doel je dit aanbiedt en hoe ze die inhoud kunnen verwerken. Moedig ze ook aan om verder te onderzoeken door hun specifieke taken te geven, bijv. een onderzoeksvraag laten opstellen op basis van geziene leerstof (bijv. Welk hiaat is er nog in dit onderzoeksgebied?). Je vindt daarover nog extra informatie in de onderwijstip “Heterogene studentengroepen: hoe ga je daarmee om?”
  • Schotel je studenten problemen voor die ze moeten oplossen, bijv. in de vorm van een quiz. Dat helpt hen de leerinhoud actief te verwerken, hun voortgang te evalueren, enz. Een spelelement bevordert ook steeds de motivatie en het leerplezier, bijv. DUGA.
  • Integreer individuele en gezamenlijke schrijftaken, bijv. een wiki, een blog… Zulke taken bevorderen het kritisch denken, hun schrijf-  en samenwerkingsvaardigheden.
  • Laat ze iets demonstreren, door bijv. een video, blog, podcast … in te zetten. 

Laatst aangepast 17 september 2020 12:44