Hoe organiseer je een supervisiegesprek of een intervisiegesprek over de stage?

Supervisie- of intervisiegesprekken zetten stage-ervaringen procesgericht om in leerervaringen. Tijdens die gesprekken worden de studenten zich bewust van hun gevoelens, emoties, gedachten, attitudes, waarden en normen. Hierdoor krijgen ze meer inzicht in hun eigen handelen waardoor ze zich verder kunnen ontwikkelen.

Het verschil tussen supervisie en intervisie zit hem in het al dan niet aanwezig zijn van begeleiders.

  • Als het gesprek plaatsvindt onder leiding van een supervisor (bijvoorbeeld: een lesgever, een assistent, een stagebegeleider) is er sprake van een supervisiegesprek. Die supervisor bepaalt de spelregels van het gesprek: hoe het verloopt, hoe lang het duurt, welke accenten gelegd worden.
  • Wanneer een groep is samengesteld uit gelijkwaardige gesprekspartners is er sprake van een intervisiegesprek. Soms gebeurt het dat een supervisor een intervisie observeert om nadien feedback aan de studenten te kunnen geven.


Tijdens een intervisie of een supervisie verwerven de studenten verschillende competenties:

  • Reflecteren: de studenten ontwikkelen een aantal vaardigheden om te leren uit hun (werk)ervaringen.
  • Concretiseren: studenten moeten het gesprek starten vanuit een concrete ervaring. Gaandeweg, tijdens de opeenvolgende gesprekken, leren studenten dat beter.
  • Problematiseren: na een analyse van het eigen functioneren formuleren de studenten doelen.
  • Generaliseren: de studenten gaan na of hun reacties eenmalig waren of vaker voorkomen Dat bepaalt of het gedrag moet veranderen of niet.
  • Ontwikkelen van leervragen: om het leereffect van een werkervaring te maximaliseren, ontwikkelen studenten leervragen. Meer kennis kan hun visie wijzigen en bijgevolg ook hun gedrag.
  • Evalueren: de student leren hun eigen kunnen beoordelen.


Om van een supervisie of een intervisie een leerervaring te maken zijn een aantal basisvoorwaarden belangrijk:

  • Studenten moeten bereid zijn om te leren uit hun fouten.
  • Verschillen in visie zijn toegestaan.
  • Het gesprek wordt niet beschouwd als een losse babbel.
  • Alle deelnemers gaan met elkaar in dialoog.
  • Tijdens het gesprek wordt er geluisterd naar elkaar.
  • Er wordt een veilige leeromgeving gecreëerd.

Hoe verloopt een supervisiegesprek?

  • Een supervisiegesprek vindt over het algemeen plaats in een-op-eengesprekken of in een kleine groep van maximaal drie personen. Bij een intervisie kan je grotere groepen samenstellen van 4 tot 8 deelnemers.
  • Een supervisiegesprek kan een een-op-eengesprek zijn, of een groepssupervisie. In een eerste gesprek, de voorbereidende supervisie, maakt de stagesupervisor kennis met de student(en). De doelen en taakomschrijving binnen de stagepraktijk worden besproken en er wordt een (voorlopig) stageplan opgesteld (zie tips over het kennismakingsgesprek).
  • Tijdens de eigenlijke supervisie wordt er over de concrete ervaringen van de studenten gereflecteerd. De houding van de student wordt bevraagd in functie van de verwachte beroepshouding. Vanuit de ervaringen van de studenten worden leerinhouden en informatie aangebracht.

Hoe verloopt een intervisiegesprek?

  • Aan een intervisiegesprek nemen idealiter vier tot acht personen deel. In het eerste gesprek – het kennismakingsgesprek – worden duidelijke afspraken gemaakt (wat is een intervisie, welke doelen wil je ermee bereiken, hoe frequent zal de groep samenkomen, wie treedt er op als gespreksleider, …).
  • Tijdens de eigenlijke intervisie komen de concrete ervaringen van de studenten aan bod en kunnen vragen gesteld worden om een beter beeld van de probleemstelling te krijgen. Alle studenten hebben de intervisie voorbereid. Als iedereen voldoende inzicht heeft verworven in de knelpunten kunnen er adviezen worden gegeven en leerinhouden aangebracht.
  • De gespreksleider fungeert als procesbewaker. Hij of zij bewaakt het tempo en vat alles samen. Voor elk intervisiegesprek kan er een andere gespreksleider worden aangeduid, zodat iedereen uit de groep deze rol eens opneemt.
  • Alle studenten hebben het gesprek voorbereid: welke vragen willen ze voorleggen aan hun collega’s? Het is de bedoeling dat de student open kaart speelt en geen informatie achterhoudt. De andere leden van de intervisiegroep stellen vragen om een beter beeld te krijgen van de probleemstelling. Pas als deze fase volledig achter de rug is en alle betrokkenen voldoende inzicht hebben verworven in de knelpunten kan worden overgegaan tot het geven van adviezen.
  • Tijdens een intervisiegesprek doen studenten een beroep op hun collega-studenten om knelpunten waarmee ze tijdens de stage geconfronteerd worden te bespreken. Hierbij is normaal geen begeleider aanwezig, al kan het gebeuren dat die de eerste gesprekken observeert zodat hij of zij de studenten achteraf feedback kan geven over hun werkwijze.
  • Net zoals bij de supervisie kunnen tijdens een intervisie leerinhouden aangebracht worden naar aanleiding van de ervaringen die studenten hebben opgedaan.

Laatst aangepast 23 september 2020 16:38